|
Tien dagen afkoelingstijd. Dat is de essentie van een huisverbod, waarbij de burgemeester een partner of medebewoner die ‘een ernstig en onmiddellijk gevaar’ vormt voor zijn huisgenoten, verplicht om even weg te blijven. In die tijd kunnen gemeente en instellingen de hulpverlening op touw zetten. Voor alle ketenpartners betekent dat topdrukte. Zo nodig, kan de burgemeester de termijn nog verlengen tot 28 dagen.
Tijdens de periode van een tijdelijk huisverbod wordt crisishulp verleend en wordt de structurele hulpverlening op touw gezet. Deze structure hulpverlening wordt veelal in een ander vangnet gevolgd.
|